Virtualisatie breidt zich als een olievlek uit over de verschillende IT-componenten. Bij een overweging om virtualisatie toe te passen zie je al snel door de bomen het bos niet meer. Daarom is elke poging om structuur aan te brengen – en het bos weer zichtbaar te maken – toe te juichen. Alana Achterkirchen van Scalent Systems doet dat in de vorm van een product stack. Hij onderscheidt:
-
Server virtualisatie (VMware, Xen)
-
I/O virtualisatie (Nuova, 3Leaf, Xigo)
-
Infrastructuur virtualisatie (Scalent en Unisys)
-
Applicatie virtualisatie (Appstream, DataSynapse, Citrix, Microsoft)
-
Data Center Orchastration (OpsWare, Bladelogic, BMC)
Het volledige artikel is hier te lezen.
Wat ingewikkeld!
Er zijn maar 2 nuttige vormen: hardware virtualisatie en operating system virtualisatie. Gewoon beginnen bij een definitie die ontleend is aan de fysica. Heb je ook geen misverstanden meer.
Als je het terugbrengt naar de basis heb je waarschijnlijk gelijk. Toch zou ik dan ook applicatie virtualisatie als aparte vorm noemen. Alle (?) overige vormen (desktop, I/O, netwerk, storage, … ) kun je dan als een subset van hardware virtualisatie beschouwen.
[...] Joustra merkt terecht op dat het woord “applicatievirtualisatie” niet klopt en dat er eigenlijk alleen maar “hardware virtualisatie” en “operating system virtualisatie&…. Als namelijk “virtualisatie” betekent dat iets schijnbaar aanwezig is, dan zou dus [...]